Knip de druiventrossen van de struik. Vul de gootsteen of een grote bak met water en was de druiven hierin. Pluk de druiven van de trossen af en gooi de takjes weg.
2 kg blauwe druiven
Doe de druiven in de pan, doe de deksel erop en vewarm op een lage stand. Laat dit vervolgens 2 uur staan, tot het sap uit de druiven is gekookt. De druiven zijn nu opengebarsten en er drijft pulp en velletjes op het sap.
Wanneer de kooktijd is verstreken, neem je een grote kom, waar je een zeef op plaatst. Giet het gekookte druivenmengsel nu door de zeef. Gebruik een pollepel om het laatste sap uit de druivenresten te persen. Let op! Duw niet te hard, zodat je niet alle prut terug in het sap duwt. Gooi de pulp in een kleine kom en spoel de zeef even af.
Spoel de pan waarin je de druiven hebt gekookt even om en zet hier vervolgens de zeef op. Leg een zakdoek in de zeef en giet hier het sap uit de kom doorheen. Doe nu de pulp in de zakdoek, vouw deze dicht en wring het laatste sap uit de pulp. Pas op, het kan nog warm zijn. Zet de warmtebron weer aan en kook het druivensap nog een paar minuten goed door.
Steriliseer ondertussen een aflsuitbare fles en giet hier vervolgens het druivensap in. Zet de fles even ondersteboven en vervolgens weer rechtop. Dit zorgt voor een vacuum afsluiting, wat de houdbaarheid verlengt. Zolang de fles gesloten blijft, zal het sap ongeveer een mand houdbaar zijn, mits bewaard op een koele plek. Wanneer de fles eenmaal is geopend, is het aan te raden het sap binnen een paar dagen te gebruiken.