Laat de linzen uitlekken en doe ze samen met de spinazie en het grootste deel van de bieslook in een keukenmachine. Scheur het brood erbij en breek het ei erin. Voeg een snuf zeezout en zwarte peper toe en mix tot een goed gemengd beslag.
Verhit een grote koekenpan met antiaanbaklaag op middelhoog vuur met een scheutje olijfolie. Bak het mengsel in porties: schep volle eetlepels in de pan en bak ze ongeveer 3 minuten per kant, tot ze goudbruin en krokant zijn. Leg ze daarna op een plank.
Maak ondertussen de dressing: prak de helft van de frambozen fijn in een kom met een vork. Meng de mosterd erdoor samen met elk een halve eetlepel rodewijnazijn en extra vierge olijfolie. Breng op smaak met zout en peper.
Wanneer alle fritters klaar zijn, haal je ze uit de pan. Snijd de geitenkaas in dunne plakken en leg de plakjes kort in de pan zodat ze een beetje krokant worden.
Verdeel de slabladeren over de borden, hak de overgebleven bieslook fijn en strooi die erover. Leg vervolgens de fritters, geitenkaas en walnoten erbij. Voeg de resterende frambozen toe en besprenkel alles met de frambozendressing.